Race Report: CPC Halve Marathon 2018

11 maart was het zo ver: mijn tweede halve marathon ooit stond op het programma. En wel tijdens de CPC in Den Haag, een run waar ik me al drie jaar op rij aan voor had genomen om mee te doen, maar wat er nog nooit van gekomen was. Vandaag vertel ik jullie over mijn belevenissen en ervaringen tijdens die 21.1 kilometer.

Laten we beginnen met m’n voorbereiding. Aan hardlopen heb ik eerlijk gezegd niet héél veel gedaan. Ik liep netjes een lange duurloop per week, net als voor m’n vorige halve marathon, elke week de afstand uitbreidend: 10, 12, 15, 16 en 18 kilometer. Maar die tweede run per week die ik in gedachten had, die schoot er, óók net als bij m’n vorige halve, wel eens bij in. Ik liep af en aan een vijfje doordeweeks, maar dat was het ook wel. Ik sportte verder wel veel: één a twee keer per week poweryoga bij de sportschool en verder pakte ik iedere week ook nog wel een andere les mee. Ik was elke week dus wel zo’n drie tot vier keer aan het sporten, het was alleen niet altijd hardlopen.

Tijdens m’n training dacht ik elke benarde omstandigheid wel gezien te hebben: m’n 15 deed ik met intense spierpijn van body pump twee dagen er voor, 16 deed ik om 8 uur ‘s ochtends (niet mijn tijdstip, gedwongen door m’n pa) en tijdens de 18 was de gevoelstemperatuur -11. Hoe het ook zou lopen bij die halve marathon, ik nam me voor op zware momenten gewoon aan die runs te denken en dan zou het allemaal wel meevallen. Dacht ik.

Flash forward naar 11 maart. Ik start pas om drie uur ‘s middags dus heb nog een hele ochtend om tijd te doden en mezelf op te winden. Op z’n zachtst gezegd: niet ideaal. Ik heb voldoende tijd om spelt pannenkoeken naar binnen te schuiven en probeer afleiding te zoeken met Peaky Blinders kijken en ukulele spelen, maar elke drie minuten gaat wel door m’n hoofd dat ik HEEL GRAAG NU ZOU STARTEN. Om half 1 is het dan eindelijk zo ver, op naar Den Haag. De trein zit gezellig vol met andere lopers (ik hoor onder andere een man die zegt een kater te hebben maar wel gaat voor een tijd van 1:30) en voor ik het weet sta ik op Den Haag Centraal. Daar ontmoet ik Pien, die haar eerste halve gaat lopen, en samen zetten we koers richting het Malieveld.

Daar is echt een festival sfeertje gaande, inclusief extreem modderige grond. Wie dacht ‘laat ik de start op een groot grasveld doen als het de hele dag regent’ mag daar ook wel eens beter over na gaan denken. Maar de sfeer zit er goed in (inclusief carnavalsmuziek) en gelukkig regent het inmiddels niet meer, dus ik ben tevreden. We zijn veel te vroeg en doden onze tijd met proteine bars wegstouwen, onze spullen wegbrengen, selfies maken en eigenlijk gewoon wachten.

Om vijf voor drie mogen we dan eindelijk van start. Ik ben erg blij met die vijf minuten eerder want veel langer had ik het niet gehouden. Pien en ik besluiten in ieder geval het eerste stuk samen te lopen en dan te zien hoe het gaat. Het moment dat het startschot gaat doe ik m’n oortjes in en is het focus. Sia’s “The Greatest” knalt op maximaal volume m’n oren in en ik ben er klaar voor.

Ik zou graag aan de hand van waar ik was op het parkoer vertellen hoe het ging, maar eerlijk, voor 99% van de tijd heb ik géén idee gehad waar ik was. Drie jaar in Den Haag studeren heeft duidelijk weer weinig uitgehaald, haha. Dus we doen het per kilometer.

Ik had twee doelen. M’n eerste doel was om m’n tijd op de halve van Amsterdam, 2:23, te verbeteren. Aangezien dat toch wel ging lukken, was mijn tweede doel om te gaan voor een tijd onder de 2:10. Mijn plan was aanvankelijk om de eerste 10 km achter een pacer met een tijd van 2:10 aan te gaan, en dan te bepalen hoe ik me voelde en eventueel nog wat aan te zetten in de tweede helft. Klein probleem: de pacer van 2:10 start ver achter me en wachten zie ik nou ook weer niet zitten. Dus pas ik mijn strategie aan: ik ga gewoon lekker lopen, proberen niet ingehaald te worden door de 2:10 en pas op het moment dat dat gebeurt ga ik er achter aan.

De eerste 10 km gaan echt heerlijk. Ik voel dat ik eigenlijk misschien wel iets te snel start, maar het voelt goed. Ik probeer het per kilometer te bekijken en niet te veel na te denken over alle kilometers die nog moeten komen. Pien en ik rennen in een lekker ritme, mensen langs de kant roepen constant onze namen (legendarisch duo in onze blauw/paarse shirts), m’n playlist is goed, het parkoer is een beetje druk maar wel lekker, en het gaat eigenlijk gewoon heel fijn. M’n eerste 5 km doe ik in 29:08 met een pace van 5’50” en m’n tweede doe ik in 28:41 met een pace van 5’44”. Het 10 km punt kom ik dus over op 57:49 en dat is eigenlijk wel het punt dat ik besef dat dit tempo voor nu nog wel gaat, maar dat ik dit niet nog 11 km vol ga houden.

Ik besluit gewoon door te rennen en als ik het dan niet de volle 11 km volmaak, dan zien we in ieder geval hoe ver we komen. Ik begin ergens ook te dromen voor een tijd onder de 2:05 en met dit nieuwe doel vind ik ook nieuwe motivatie om door te gaan, aangezien het er inmiddels op begint te lijken dat ik sowieso m’n vorige PR verbreek en onder de 2:10 ook wel ga halen. Ik wil echter wel netjes blijven lopen en niet te veel verslappen, dus stel ik m’n doelen bij. Over de derde 5 km doe ik 29:16 met een pace van 5’51”.

En dan gaat het licht uit. Of nouja, als ik naar m’n tijden kijk was het eigenlijk helemaal niet zo dramatisch. Maar zo voelt het wel. We rennen richting Scheveningen en moeten een heuvel op die niet is geasfalteerd, maar bedekt is met straatstenen. Ik voel ieder richeltje pijnscheuten geven in m’n benen. Pien banjert vrolijk door en ik besluit een beetje gas terug te nemen, want ik kan niet meer.

Kilometer 17 – 20 zijn echt afzien voor het leven. Ik probeer tegen mezelf te zeggen “Rennen tijdens de Siberische Beer was erger, rennen met spierpijn van pump was erger” maar dan denk ik NEE DIT IS ERGER. Ik weet dat het nog maar vier kilometer is tot de finish en ik weet ook dat ik die vier nog makkelijk kan met het idee dat ik er al 17 gedaan heb, maar m’n benen protesteren hevig. Voor ongeveer 200 meter overweeg ik te gaan wandelen, ik ga toch wel sneller over de finish komen dan de vorige keer, prima zo. Maar nee, vind ik, ik heb hem vorige keer ook helemaal uitgerend, als ik nu sneller ben maar met wandelen is dat niet echt iets om trots op te zijn. We gaan door. De vierde vijf kilometer doe ik in 30:38 met een pace van 6’08”. Helemaal niet dramatisch dus. Opnieuw: zo voelde het wel.

De skyline van Den Haag centrum lijkt maar niet dichterbij te komen, maar komt dat toch. Als ik bij kilometer 20 ben hervind ik mezelf weer een beetje, denk “NOG MAX 5 MINUTEN” en zet aan tot de finish. Zeker als ik zie dat als ik een beetje m’n best doe, ik nog steeds onder de 2:05 kan finishen. Als Martin Garrix’ ‘Don’t Look Down,’ HET nummer dat is associeer met mijn favoriete run tot nu toe, de Zevenheuvelen, op komt, weet ik er zelfs nog een soort van eindsprint uit te knallen. Ik leg die laatste kilometer af met een pace van 5’58”.

Officiële eindtijd: 2:04:17!!! 19 minuten dan mijn enige andere halve marathon (Amsterdam 2016, 2:23:16), sneller dan mijn vooraf bedachte 2:10 en sneller dan m’n bijgestelde einddoel van 2:05. Het was geen Zevenheuvelen, waar ik letterlijk de laatste kilometers teleurgesteld was dat het bijna afgelopen was (nee ik herken mezelf ook niet terug in dit verhaal), maar ik heb alles gegeven en it paid off. Ik ben 100% tevreden. Al snel vind ik Pien, die ongeveer anderhalve minuut eerder finishte dan ik en ook nog eens mega constant gelopen heeft. ZO trots.

De 24 uur er na zit ik in een mega runner’s high. Ik meet Canada-vriendin Anouk op het Malieveld, die ‘s ochtends de 10 heeft gedaan, we kletsen na en genieten van het zonnetje. ‘s Avonds ga ik met Lisa naar het concert van Vance Joy in de Melkweg en ook al kan ik m’n benen niet meer buigen, staan en meezingen gaat prima en ik heb een geweldige avond. En maandagavond, terug in Nijmegen, besteden Pien en ik onze avond dobberend in de baden van de Sanadome om onze spierpijn te verlichten. Het had niet mooier gekund.

Op naar het volgende doel: onder de 2 uur!

Wie heeft er ook de CPC gelopen? Hoe is het gegaan?

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *